Correct verwerken

Onze praktische tips


1.Alle bouwvoorschriften naleven.
De navolgende adviezen zijn conform de erkende regels van techniek. Bij de uitvoering zijn de geldende, wettelijke richtlijnen en DIN- en NEN-normen in acht te nemen. Onder deze condities hebben zorgvuldig ontworpen en uitgevoerde verkeersruimten een lange levensduur.

2. Funderingslaag maken met minimumverval van 3% resp. 4%.
Minimumverval is afhankelijk van de ondergrond. Vlakheid, draagkracht en verdichting controleren.
3.Gelijkmatige fundering maken uit niet gebonden materiaal.

Vlakke fundering bestaande uit korrelmix, stol of een ander niet gebonden zand/grind mengsel. Ontmenging vermijden. Laagsgewijs verdichten. Verval minimaal 2,5%. Vlakheid: maximaal 1 cm hoogteverschil onder een lat van 4 meter lengte. Controleer verdichting en draagkracht.
4. Het stellen van de kantopsluiting.
Bepaal vůůr het leggen de breedte tussen de kantopsluiting door het uitleggen van de te gebruiken stenen of tegels, en plaats de opsluiting in magere beton (ook de rug).
5. Aanbrengen van de straatlaag.
Breng de straatlaag aan (ongebonden zand), let op dat de straatlaag niet in de fundering kan dringen, en het te gebruiken voegzand niet in de straatlaag. Na verdichten moet de dikte van de straatlaag 3 tot 5 cm dik zijn.
6. 6. Controle van de stenen/tegels
Controleer bij levering de afleveringsbon op hoeveelheid, formaat, kleur en oppervlaktestructuur. Afwijkingen dienen direct te worden gemeld.
7. Stenen straten met 3 tot 5mm voeg (afstandhouder is niet de voegbreedte) en uit verschillende pakken.
Stenen schiften om de voegen in lijn te houden. Om ongewenste vlekken te vermijden, dienen de stenen uit meerdere pakken te worden genomen. Stenen langs de kant niet knippen, maar zagen, en nooit een passtuk kleiner maken dan de helft van de steen.
8. Invoegen
Voegmateriaal volledig invegen. Let op dat het materiaal niet in de fundering dringt. Als de voeg volledig gevuld is: inwateren en bestrating volledig schoon vegen vůůr het aftrillen. Eventueel herhalen.
9. Aftrillen
Bij kleurige en/of bewerkte stenen en tegels aftrillen met een kunststofplaat. Kies een kunststofplaat met de juiste slagkracht.
10. Voegvulling
Na het aftrillen de voegen opnieuw vullen, eventueel ook na een langere periode.
Opmerking bij ecosystemen
Doel van ecosystemen is de waterdoorlatendheid van de verharding, waardoor neerslag in de bodem kan infiltreren. Voorwaarde is een blijvend waterdoorlatende ondergrond.
Voegen dienen dan ook met split 2/5mm ingeveegd te worden. Bij graskeien vindt infiltratie eveneens plaats door de voegen; hier wordt geen split gebruikt, maar een waterdoorlatend substraat.